Bijna de helft van de ouderen gebruikt AI: zo help je ze nepcontent herkennen

Inhoudsopgave
Wat het onderzoek laat zien
Van de ondervraagden gebruikt 48 procent AI-tools. Twee derde is nieuwsgierig naar wat de technologie gaat brengen en 30 procent verwacht dat AI het dagelijks leven makkelijker maakt. Maar 62 procent maakt zich zorgen over de ontwikkelingen, en 64 procent weet niet goed hoe je veilig met AI omgaat. De grootste zorg is herkennen wat echt is. In 2024 vond 75 procent dat lastig, nu is dat 80 procent.
Opvallend is ook wat ouderen niet willen. Bij persoonlijke, medische en privacyvragen heeft een zeer grote meerderheid liever contact met een mens dan met een chatbot. En ze willen graag een bekende bron bij informatie zien staan. Dat zijn geen tekenen van angst, maar van een gezonde reflex. Daar kun je op voortbouwen.
Begin bij wat ze er al mee doen
Bijna de helft gebruikt AI dus al. De eerste stap is niet uitleggen wat AI is, maar vragen wat ze ermee doen. Iemand die ChatGPT gebruikt om recepten te zoeken heeft andere hulp nodig dan iemand die er vragen over zijn medicijnen aan stelt. Kijk samen naar een gesprek dat ze eerder voerden en praat over het antwoord. Klopte het? Hoe zou je dat kunnen nagaan?
Daarmee raak je meteen aan de kern. Een chatbot klinkt altijd zeker van zijn zaak, ook als hij zich vergist. Leer ze de gewoonte om bij alles wat ertoe doet een tweede bron te zoeken, zoals de website van de gemeente, de apotheek of de bank. Dat sluit aan bij wat de ondervraagden zelf al aangeven, dat ze een bekende bron willen zien.
Spreek ook af wat er niet in een chatbot hoort. Een burgerservicenummer, rekeningnummers, inloggegevens en medische details horen er niet in. Dat is makkelijker te onthouden als regel dan als uitleg over servers en trainingsdata. Wil je wel zorgen dat gesprekken niet worden gebruikt om modellen te trainen, dan kun je dat samen instellen met onze uitleg over training uitzetten.
Nepcontent herkennen zonder techniek
De zorg over nepcontent is terecht. René Kuster, directeur van SeniorWeb, wijst erop dat ook criminelen AI-assistenten gebruiken en dat nepmails en andere vormen van oplichting daardoor realistischer worden. Het oude advies om op taalfouten te letten werkt dus steeds minder. Een AI schrijft foutloos Nederlands.
Wat wel werkt, is letten op wat een bericht van je vraagt in plaats van hoe het eruitziet. Haast, geld, inloggen via een link, een nieuw telefoonnummer van een familielid. Die combinatie is het signaal, ongeacht hoe echt het bericht oogt. Spreek een vaste regel af. Bij een verzoek om geld of gegevens bel je eerst zelf het bekende nummer van de afzender, nooit het nummer uit het bericht.
Bij foto’s en video’s is het lastiger, want die worden steeds beter. Een paar vragen helpen toch. Waar komt het beeld vandaan, en staat het ook bij een bekend nieuwsmedium? Is het bedoeld om je boos of bang te maken? Wil je het technisch controleren, dan is er een gratis hulpmiddel van Google dat bij een deel van de AI-beelden een onzichtbaar watermerk herkent. Hoe dat werkt, lees je in ons stuk over checken of een foto met AI is gemaakt. Voor nieuwsberichten en websites die door AI zijn volgeschreven, hebben we een uitleg over AI-nepnieuws herkennen.
Waar ze terechtkunnen als jij er niet bent
Je bent niet altijd in de buurt, en dat hoeft ook niet. SeniorWeb heeft op seniorweb.nl/ai uitleg, video’s en tips over veilig gebruik van AI, en er staan dagelijks vrijwilligers klaar voor vragen. Het webinar van de vereniging over AI trok volgens het bericht 21.224 aanmeldingen, wat laat zien hoe groot de behoefte is.
Het mooiste wat je kunt meegeven is geen lijst met verboden, maar vertrouwen in een eigen werkwijze. Wie weet dat hij altijd even kan nabellen, een tweede bron kan zoeken en niets gevoeligs intypt, kan de nieuwsgierigheid die twee derde van de ouderen voelt gewoon volgen.





