Onderwerpen
Home / Artikelen

Docenten worstelen met AI in de klas: zo gebruik je het als leraar wel slim

Op een praktijkschool in Leeuwarden vraagt een docent aan zijn nieuwe klas wie weleens AI heeft gebruikt. Niemand steekt een hand op. Dan vraagt hij wie weleens ChatGPT heeft gebruikt, en gaat iedere hand omhoog. Dat voorbeeld uit de Leeuwarder Courant van 13 oktober 2026 vat het probleem goed samen. Leerlingen gebruiken AI allemaal, maar lang niet allemaal weten ze wat ze gebruiken. En volgens de docenten in het stuk worden de verschillen tussen leerlingen daardoor groter. Wat kun je daar als leraar aan doen, zonder te wachten op een schoolbeleid dat er nog niet is?
Leerlingen met laptops in een klaslokaal
Foto: Vitaly Gariev via Unsplash
Inhoudsopgave

Wat de docenten zien

De krant sprak met docenten van praktijkschool Comenius Zamenhof en het Stedelijk Gymnasium in Leeuwarden. Twee heel verschillende scholen, maar met dezelfde zorg. Leerlingen die kunnen beoordelen of een antwoord van AI klopt, gebruiken het kritisch. Leerlingen die dat niet kunnen, nemen het klakkeloos over. Docent Nederlands Joost Wink zegt dat de individuele verschillen in de klas door AI alleen maar groter worden.

Op de praktijkschool ziet docent mediawijsheid Nemuel van Os dat het niveau achteruitgaat bij leerlingen die geen les over AI kregen. Zij gebruiken het om aan een antwoord te komen en leren de vaardigheid zelf niet meer. Hij noemt leerlingen die na vier jaar slagen maar nog geen mail kunnen schrijven. Volgens hem lopen leerlingen op een lager niveau het grootste risico, omdat zij minder theorie krijgen, ook over AI. Tegelijk ziet hij het omgekeerde. Een leerling bouwde met een AI-tool een app met voetbalstatistieken en wil nu programmeur worden.

Op het gymnasium ontbreekt een gezamenlijke lijn. Elke docent is voor zichzelf bezig, en ook de voorlopers zeggen er zelf nog weinig van te weten. Dat herkennen veel scholen.

Waarom de kloof groeit

Het patroon dat de docenten beschrijven, is logisch als je kijkt naar hoe een chatbot werkt. Een chatbot geeft altijd een vlot en zelfverzekerd antwoord, ook als het niet klopt. Wie de stof al een beetje beheerst, ziet de fout en vraagt door. Voor die leerling is AI een sparringpartner die hem sneller maakt. Wie de stof niet beheerst, ziet geen verschil tussen een goed en een fout antwoord. Voor hem is AI een kopieermachine die het leren overslaat.

Daarom werkt een verbod net zo slecht als vrij spel. Een verbod raakt vooral de leerlingen die zich eraan houden, terwijl thuis iedereen gewoon doorgaat. Vrij spel vergroot het voordeel van wie het al kan. Wat helpt, is AI zo in de les brengen dat de leerling die het moeilijk heeft juist leert controleren.

Zo gebruik je het in de klas wel slim

De docent op de praktijkschool laat elke les iets van AI zien, de ene keer een zelfgebouwde website, de andere keer goede en slechte prompts. Herhaling werkt, zegt hij. Dat idee kun je in elk vak toepassen, ook zonder dat je zelf een expert bent.

  • Laat leerlingen een AI-antwoord verbeteren. Geef een antwoord van een chatbot op een vraag uit je eigen vak, met er bewust een fout in, en laat de klas die zoeken. Zo oefenen juist de zwakkere leerlingen het controleren, en niet het overnemen.
  • Spreek per opdracht af wat mag. Zeg bij elke opdracht of AI helemaal niet mag, mag helpen bij ideeën of de opbouw, of vrij mag worden gebruikt. Dat is duidelijker dan een algemene regel, en leerlingen leren dat het per situatie verschilt.
  • Beoordeel het proces, niet alleen het eindproduct. Laat leerlingen hun tussenstappen inleveren of mondeling toelichten wat ze hebben gedaan. Een tekst die een leerling niet kan uitleggen, is niet van hem. Vertrouw daarbij niet op AI-detectoren, want die zijn onbetrouwbaar, zoals we schreven in ons stuk over AI-detectors bij scripties.
  • Gebruik AI zelf om te differentiëren. Laat een chatbot een tekst herschrijven op een lager of hoger leesniveau, of extra oefenvragen maken bij een onderwerp. Dat is precies de plek waar AI de kloof kleiner kan maken in plaats van groter. Controleer de uitkomst wel altijd zelf.
  • Houd leerlinggegevens erbuiten. Plak geen namen, cijfers of verslagen van leerlingen in een gratis chatbot. Dat is een datalek, ook als je het goed bedoelt. Welke gegevens je nooit deelt, staat in ons stuk over wat je nooit aan een chatbot vertelt.

Niet wachten op het beleid

De docenten van het gymnasium zeggen terecht dat je niet kunt verwachten dat iedere leraar perfect op de hoogte is. Dat hoeft ook niet. Je hoeft geen AI-expert te zijn om leerlingen te leren dat een chatbot zich kan vergissen. Je moet het alleen vaak genoeg laten zien. Wie verder wil, vindt bij Kennisnet, de publieke ICT-organisatie voor het onderwijs, handreikingen over AI in de klas.

Een schoolbrede afspraak blijft wel belangrijk, want leerlingen merken het als de regels per lokaal verschillen. Maar dat beleid kan groeien uit wat docenten in de klas uitproberen. Economiedocent Dennis Leegstra zegt in de krant dat de manier waarop scholen met AI omgaan, mede bepaalt hoe het zich in de samenleving verspreidt. Ik zou eraan toevoegen dat het vooral bepaalt welke leerlingen er beter van worden. Dat die jongen van de praktijkschool nu programmeur wil worden, is precies wat je wilt zien. Ouders die thuis willen meehelpen, vinden tips in ons stuk over kinderen thuis slim met AI leren omgaan.

Redactie Zendis

Lees meer over onze redactie en werkwijze.